Samenvatting van de bronteksten

Voorbeeld 1

1. Wat is het daderprofiel?

Een dader profiel bevat studiegegevens van verschillende daders over een periode. Hier worden omgevingsfactoren, motivatie, aard van misdrijf en recidivisme in kaart gebracht.

1.1 Criminologische benadering:

Daders beoordeeld volgens categorie
De individuele dader en de dadergroep, waarna beide onderverdeeld worden in enkelplegers of veel plegers. (Weerman & Kleemans, 2002) De dader groepen worden onderverdeeld volgens hun netwerk, criminele organisatie of crimineel netwerk. De meeste daders plegen de feiten met anderen, meestal in kleinere groepjes van 2 of 3 personen, deze zijn meestal verbonden met een groter netwerk van plegers. De moderne criminele organisaties bestaan uit een netwerk van mensen die elkaar niet allemaal kennen. Ze komen eerder sporadisch samen, indien de situatie dit vereist of ze gezamenlijke belangen delen. Deze belangen kunnen variëren van Materiële tot psychologische of sociale beloningen of verwachtingen. Zo zal bijvoorbeeld een familiale relatie een makkelijke aanzet zijn om met iemand een bepaald delict te plegen waarna men een sociaal hoger aanzien heeft. (Weerman & Kleemans, 2002)

Dadergroepen kan men nog onderverdelen in daders die bij een enkel feit samenwerkten en daders die steeds gezamenlijk opereerden. Hierin onderscheidt het dadernetwerk zich namelijk van een criminele organisatie. Het dadernetwerk bestaat uit mensen die elkaar niet noodzakelijk kennen. De criminele organisatie werkt echter genuanceerder, met een leider, soldaten en hun loopjongens, hier ken iedereen elkaar. Dit benoemen de wetenschappers als het ‘bureaucratiemodel’. (Weerman & Kleemans, 2002)

De individuele dader maakt bij het verrichten van een bepaald delict, een rationele keuze of een gelegenheidskeuze. Dit leidde de onderzoekers tot het begrip omgevingscriminologie. Dit is van toepassing op meerdere criminaliteitsonderzoeken en op het gebied van inbraak gerelateerde feiten, heeft men dit reeds zeer interessante informatie opgeleverd.
De individuele dader heeft niet enkel van belang bij “wat voor macht” of invloed de groep uitoefent op de individuen die er deel van uitmaken. Ook relevant is de vraag wat criminele groepen en samenwerkingsverbanden kunnen betekenen voor de criminele (carrière-)mogelijkheden van individuen. Leidt samenwerking tot meer crimineel succes (McCarthy en Hagan, 1999) en zijn bepaalde posities binnen criminele netwerken gunstig voor iemands criminele carrière (Morselli, 2000; 2001). (Weerman & Kleemans, 2002)

1.2 Daderprofiel analyse

“Bij de analyse van criminele groepen en samenwerkingsverbanden kunnen drie niveaus worden onderscheiden: het niveau van de individuele dader, van de dadercombinaties bij een concreet delict en van het overkoepelende netwerk van daders. Vooral het onderscheid tussen het tweede en derde niveau is belangrijk: bij dadercombinaties gaat het om daders die in een concreet geval samenwerken, bij dadergroepen of -netwerken om een verzameling daders die elkaar kennen of die met elkaar zijn verbonden. Vanuit één netwerk of groep kunnen dus in wisselende verbanden delicten worden gepleegd. Ook kunnen die verbanden heel klein zijn, terwijl de overkoepelende groep veel groter is”. (Weerman & Kleemans, 2002)